De uitdaging
Bij aanvang verkeerde het gebouw in een bijzonder slechte energetische staat. De gebouwschil was nauwelijks geïsoleerd en de bestaande technieken voldeden niet meer aan de huidige energie-eisen.
Het gebouw beschikte onder andere over:
- ongeïsoleerde dak-, vloer- en muurconstructies
- enkel glas in oude houten en metalen profielen
- verouderde gasgestookte verwarmingsinstallaties
- elektrische boiler voor sanitair warm water
- geen ventilatiesysteem
Daardoor lag het energieverbruik bijzonder hoog en was het gebouw onvoldoende voorbereid op toekomstige regelgeving en duurzaamheidsdoelstellingen.
De complexiteit van het project werd bovendien versterkt door de erfgoedwaarde van het pand. Klassieke renovatiemaatregelen waren niet zomaar toepasbaar, waardoor voortdurend gezocht moest worden naar een evenwicht tussen:
- energieprestaties
- technische haalbaarheid
- comfort
- budget
- behoud van het karakter van het gebouw








